.
062094

Week 3: 17-23 januari 2021

17 januari 2021: 2e Zondag na Epifani

17-24 januari 2021: Week van het gebed

Regio: Cyprus, Griekenland en Turkije

 

Kerkelijk jaar - 2e zondag na Epifanie

 
Gij die als leefregel het nieuwe gebod
van de liefde hebt gegeven,
maak ons tot bouwers van
een saamhorige wereld,
waar oorlog wijkt voor vrede,
waar de cultuur van de dood
plaats maakt voor de inzet voor hert leven.
(Uit een gebed van Paus Joh. Paulus II)

Uw Naam worde geheiligd
Wie zijn Naam liefhebben zullen daarin wonen (Psalm 69:37b)

2e zondag na Epifanie – Op deze dag wordt de bruiloft te Kana gevierd, waar Jezus zijn eerste wonderteken deed en water in wijn veranderde. (Johannes 2:1-11)

Gebed bij deze zondag
God van ons hart, uw Naam hebt Gij ons genoemd,
uw glorie hebt Gij ons getoond, in Jezus, het kind van uw liefde;
laat al die oude woorden opnieuw gaan spreken,
laat uw bekende naam opnieuw gaan stralen,
door ons, die vernoemd zijn naar de mens van uw hart,
maar die telkens weer in uw licht staan
(ds W.R. van der Zee)
 

BWV 0248 6-01 Herr, wenn die stolzen Feinde schnauben, Cantate voor Epifanie, Joh.S. Bach

 

In wereldwijde verbondenheid gedenken wij: Week 3 - Cyprus, Griekenland en Turkije

Voorbeden: Week 3

Dank voor:
•De christelijke kerk en haar voortdurende aanwezigheid in deze landen dank zij de vroege kerken van de apostelen.
•Christenen die sterk staan in hun geloof en blijven getuigen van het evangelie.
•De wonderen van de kerk van St. Sophia, de gezangen op de berg Athos, de fresco's van de vroege kerken op Cyprus.
•De blauwe zee en de bergen, baklava, gevulde wijnbladeren, moussaka en fetakaas.
Bid voor:
Vrede en genezing van de diepgewortelde haat tussen Grieken en Turken.
•Troost voor degenen die treuren en kracht voor hen die werken aan gerechtigheid.
•Overlevenden van aardbevingen en degenen die helpen bij het brengen van verlichting, ook op de lange termijn.
•Vluchtelingen die onderdak zoeken en mogelijkheden om een nieuw leven op te bouwen.
•Het Koerdische volk en alle minderheden die discriminatie ondervinden.
•Een einde aan de deling van Cyprus.

Wereldwijd verbonden: Week 3

IJsvogel op het strand van het Griekse eiland Kreta. (Foto: Z.v.d.Wilt)

Met bergen en met stenen
wil ik U roepen, Heer.
Met alle vroege vogels samen
wil ik U roepen, Heer.
Met vissen in de diepe zee,
gazellen in de wijde steppe,
met zuchten uit de mond der stommen,
wil ik U roepen, Heer
Met alle vrome tongen,
met tortelduiven en nachtegalen,
met al wie God beminnen,
wil ik U roepen, Heer.
(Joenoes Emre, Turkije)

De kerk van Cyprus werd gesticht door Paulus en Barnabas. Het volk kent een bewogen geschiedenis. Cyprus is in de loop der eeuwen bezet geweest door Arabieren, Byzantijnen, Kruisvaarders, Venetianen, Turken en Engelsen.Vier jaar nadat Cyprus onafhankelijk werd, kwam het op dit eiland tot een uitbarsting tussen het Turkse en het Griekse deel. Een strijd die de geschiedenis inging als “Bloody Christmas”.

Paus Franciscus en de Turkse president Erdogan vrijdag 28 november in Ankara. Turkije kan zorgen voor vrede, zegt de paus (Trouw, 28-11-2014)


Leiders van het verdeelde eiland Cyprus hebben op 30 december 2014 besloten te blijven praten over hereniging. De Grieks-Cypriotische president Nicos Anastasiades en de Turkse-Cypriotische leider Dervis Eroglu bereikten daarover overeenstemming tijdens een gesprek van anderhalf uur op het vliegveld van de stad Nicosia. Het was het eerste overleg in circa 2 jaar tijd. Anastasiadis en Erogolu vinden allebei dat er een eind moet komen aan de huidige status van het eiland. Ze willen werken aan de vorming van een federale staat. Die moet bestaan uit een Turks-Cypriotische en een Grieks-Cypriotische zone.
Het eiland Cyprus is sinds 1974 verdeeld in een Griekstalig zuiden en een Turks noorden. Het officiële, Grieks-Cypriotische Cyprus werd in 2004 lid van de Europese Unie. Turkije steunt Noord-Cyprus.
"De gesprekken tussen de Griekse president Anastasiadis en zijn huidige Turkse collega Akinci, die vanaf augustus 2016 werden geïntensiveerd liepen eind november vast en werden begin januari 2017 voortgezet in Genève onder supervisie van de Verenigde Naties. In Genève werd de afspraak gemaakt om een werkgroep in te stellen. De taak van deze werkgroep is om vast te stellen wat nodig is om veiligheid en stabiliteit op Cyprus te waarborgen.  De werkgroep begint in januari 2017." (Bron: Europa Nu)

In Griekenland begon het christendom toen Paulus gehoor gaf aan de roep van de man uit Macedonië, die hem verscheen en vroeg: 'kom over en help ons' (Handelingen 16: 9-10). Nu is er in Griekenland naast de orthodoxe meerderheid een kleine protestantse minderheid. De Grieks-orthodoxe kerk is lid van de Wereldraad en CEC, maar van oecumene is geen sprake.
Een kleine Geloofsgemeenschap is er op het eiland Rhodos. Wie zelf brood bakt, bakt op zaterdag één brood extra en neemt dit zondags mee naar de kerk. Terwijl de mannen zingen, snijden de vrouwen het brood in grote stukken en vullen de manden. Er zijn veel volle manden. Als het moment van de eucharistie is aangebroken en de manden rondgaan, neemt ieder naar behoefte, de armen en bejaarden het meest, sommigen stoppen hun tas helemaal vol (zie foto boven, 1988).
"De Grieken zijn Europeanen. Maar Europeanen die iets hebben behouden dat elders verloren ging, een goddelijke orde, vastgehouden in tradities van familie en geloof, in heiligen en ikonen, geschraagd door een verstokte, taaie kerk". (Wim Boevink, Trouw, 2 jan. 2016)

Dank mag er zijn voor de kleine christelijke kerk in Turkije met haar rijke geschiedenis; voor alle martelaren, heiligen en geloofsleraren van de oosterse christenheid; voor hun voorbeeld, hun wijsheid, hun geduld. Op 28 november 2014 ontmoetten Paus Franciscus en de Turkse president Erdogan elkaar voor een driedaags bezoek in Ankara. De wereld moet christenen in het Midden-Oosten niet uit het oog verliezen, stelde paus Franciscus. Hun lot is vanwege alle oorlog en geloofsvervolging beklagenswaardig. Volgens Franciscus heeft het land vanwege zijn positie in de islamitische wereld een 'grote verantwoordelijkheid' in de strijd tegen ongelijkheid en discriminatie van minderheden. 'Het Midden-Oosten, Europa en de wereld wachten op een volwassen vriendschap', meent hij. (Trouw)

Aartsbisschop van Griekenland dringt er bij de EU op aan om de verantwoordelijkheid voor vluchtelingen te delen (Bron: WCC) - Vluchtelingenkamp in Thessaloniki (foto: WCC)


 Brood om te delen: Een kleine Geloofsgemeenschap op het Griekse eiland Rhodos. Wie zelf brood bakt, bakt op zaterdag één brood extra en neemt dit zondags mee naar de kerk. Terwijl de mannen zingen, snijden de vrouwen het brood in grote stukken en vullen de manden. (Foto: Zeger v.d.Wilt)


Gij hebt gerechtigheid lief en haat onrecht,
daarom heeft God, uw God,
U gezalfd met de olie van de vreugde.
(Psalm 45)


Op de foto onder: Dit is Aylan Kurdi. Hij is drie jaar geworden. Hij werd geboren in Kobani, de Koerdisch-Syrische stad waarom zo heftig gevochten werd. Hij voer met zijn familie vanaf de Turkse kust in de richting van het Griekse eiland Kos. Onderweg botste zijn bootje met een andere vluchtelingenboot en sloeg om. Aylan verdronk en spoelde aan op het strand van Bodrum.
 
Wij gedenken met woorden uit de vroeg-Griekse-Liturgie:
Herinner U, o Heer, héél uw kerk,              
allen die één zijn met ons in gebed,               
allen die uw genade en hulp nodig hebben.              
Stort uw Geest over hen uit, zodat wij met hen altijd
uw wonderlijke en heilige Naam prijzen.
En bidden wij voor de volken van deze landen in hun strijd om het bestaan.
 
 
Aylan Kurdi werd gefotografeerd, voordat hij voorzichtig door een hulpverlener met witte handschoenen werd opgetild en weggedragen. Aylan Kurdi is 3 jaar geworden. De foto werd verspreid en ging razendsnel de wereld rond. Ontzetting en afgrijzen begeleidden het beeld. En commentaren. Het woord 'iconisch' viel. Dat valt snel. Als deze foto's de houding van Europa tegenover vluchtelingen niet veranderen, wat dan wel? vroeg de Britse krant 'The Independent'. (...) Dit beeld verwart. Aylan Kurdi is drie jaar geworden. Waarom moeten we hem zo zien? Zo gaaf nog. De zee droeg hem terug. Voor ons misschien, en de wereld. (Wim Boevink in 'Trouw', 3 september 2015)
 
Parochie van St. Anastasios, Polydrosos, Griekenland.

'Paulus en de rest', Bert Jan Lietaert Peerbolte

De apostel Paulus blijft in vele opzichten een raadsel. Bert Jan Lietaert Peerbolte presenteert hem als een hellenistische (oud-Griekse cultuur) Jood die trouw bleef aan zijn joodse uitgangspunten, maar tegelijkertijd Jezus Christus verkondigde als centrum van Gods handelen met de mens. Paulus zag de Christus-beweging als de trouwe rest van Israël, waar ook niet-Joden deel van konden uitmaken. Het bracht hem menigmaal in conflict met zijn omgeving. Toch verkondigde hij zijn droom: in Christus geen verschil meer tussen Jood en Griek, vrije en slaaf, man en vrouw!  Paulus en de rest is niet alleen een historische studie, maar kijkt ook naar de rol die Paulus bij een aantal moderne wijsgeren speelt.
 
Op Kreta tref je veel Grieks orthodoxe kerkjes aan, zoals deze aan de kust bij Analipsi.

Week van Gebed voor 'de eenheid van christenen' 20 - 27 januari 2019
 

Onderstaande meditatie over Deuteronomium 16: 10-20 is geschreven op verzoek van de Raad van Kerken in Nederland. De Week van gebed staat gepland voor 20 t/m 27 januari 2019.
Broeders en zusters, gemeente van onze Heer Jezus Christus,
Ieder mens is op reis, zelfs de mensen die nog nooit een koffer hebben ingepakt. Heel ons leven heeft iets van een tocht. U en ik, we stippelen voortdurend ons reisdoel uit. We hebben er verschillende benamingen voor. We  noemen het:  ‘de agenda trekken’, ‘een planning maken’, ‘even nadenken’. ‘Reizen’ is een metafoor van het leven zelf.  Daarover zou ik met u willen spreken. Over vragen als: Welk reisdoel staat ons voor ogen? Wie zullen onze reisgenoten zijn?
We komen bij dat thema dankzij de christenen uit Indonesië. Ieder jaar vragen kerken wereldwijd aan christenen uit een concreet land, om met materiaal te komen voor de week van gebed om eenheid onder de christenen. In 2019 hebben de christenen in Indonesië dat verzorgd. Ze kozen een gedeelte uit Deuteronomium 16: 10-20. Het gaat in dat gedeelte over de reizen van de Israëlieten, de reizen die ze maken voor de feesten, waaronder het loofhuttenfeest. Eigenlijk had de tekstlezing kunnen stoppen bij vers 17, maar de Indonesiërs voegen er een paar verzen aan toe, over ‘rechters en griffiers’. Ik heb een vermoeden waarom ze dat doen… dat wil ik met u delen. Laten we de tekst verder overdenken.
De joden worden opgeroepen drie keer per jaar feest te vieren in Jeruzalem. Ze gaan op reis. En alleen al die beweging uit de comfortzone herinnert hen er aan, dat het leven is als een pelgrimsreis. Al die reizen, - of ze nu naar Rome gaan, naar Compostella, of naar Hasselt -, zijn stilering van wat ons leven wil zijn: een voortdurende opgang naar onze bestemming, het hoge doel, terwijl we lijden aan de hitte van de dag, het stof van de wegen, de muggen om het hoofd en de bedwantsen in de refugio’s. Bij al die lijfelijke ervaringen is het de vraag hoe we daar in ons hoofd op reageren. Ons hoofd tolt nu eens mee met de pijn in de gewrichten, en dan is er voor het verlangen naar ginder, wat ons overeind houdt. Aan het einde van de dag overheerst de vermoeidheid en de dankbaarheid dat we een voorlopig onderkomen hebben gevonden.
Het gaat de schrijvers in de bijbel om die voorlopigheid van dat onderkomen. ‘Bedenk dat u zelf in Egypte slaaf bent geweest’, zegt Deuteromium in vers 12. Bij het loofhuttenfeest herinneren joden zich de uittocht. Ze leven een week in een armoedige hut. Sommigen maken de hut op hun balkon in Askelon of Nahariya. Anderen tuigen een tent op in de tuin. Altijd kan je door het dak van de hut de sterren zien in de nacht. Het herinnert je aan je kwetsbaarheid. Het geeft je besef dat je misschien in een royaal huis woont, maar dat je leven ten diepste is als dat van ieder ander: overgeleverd aan de wisselende winden van het leven. ‘Het leven hier is als leven in een aardse tent’, refereert Paulus aan de basis van dit leven (2 Korintiërs 5: 2). ‘Zolang we in onze aardse tent verblijven zuchten we onder een zware last’. Tegelijk: ‘We leven in vertrouwen op God, we blijven vol goede moed’. Paulus ervaart tweeslachtigheid van leven: hij staat in de zorg van de dag en in zijn hoofd is er ook het verlangen, wat hem motiveert en inspireert.
Moet je je voorstellen. Al die mensen die hoog op de maatschappelijke ladder zijn geklommen. De staatslieden, de directies, de notabelen, de mensen van adel, de bankiers, de captains of industry, de wetenschappers, de doktoren uit de ziekenhuizen. Al die mensen die de Balkenende-norm halen, of meer. Eén week per jaar hebben ze daar  niets aan. Want ze zitten in een hutje wat je uit materialen van de Gamma kunt samenstellen. De bijbel zegt ietwat recalcitrant: Dat verblijf in die loofhut tekent de essentie van je leven. Niet die andere 51 weken, maar die ene week.
Als je dit verstaat, kan je wellicht aanvoelen dat de theoloog Henk Vreekamp het loofhuttenfeest heeft getypeerd als het kerstfeest van het oude testament. Dat God mens wordt, is niet anders dan dat Hij die hoog gezeten is, in arren moede leeft. God toont daarin zijn ware gezicht. Henk Vreekamp ziet het kerstfeest dan ook eerder zich afspelen in september dan in december. Andere theologen wijzen er op, dat het loofhuttenfeest na het feest van de weken (parallel aan ons pinksterfeest) het enige feest is dat nog in de lucht hangt in de christelijke traditie. De vervulling van het loofhuttenfeest komt nog. Het feest dat alle tranen van de ogen zijn afgewist. Het eindfeest van de geschiedenis (Zacharia 14: 16).
Terug naar het karakter van het feest. Zij die in hoogheid zetelen, komen van hun troon. In de woorden van Deuteronomium: zij vieren feest en maken het feest mogelijk voor anderen. ‘Ieder moet geven naar de mate waarin de Heer, uw God, hem heeft gezegend’. Het is dus één grote commune, een gezamenlijke eucharistie, één festival van nivellering. Een jubelweek. De rijken leveren hun winsten in. En de armen doen mee om niet. Het staat er enkele keren: niet alleen de zonen en dochters vieren het feest, maar ook de slaven en slavinnen (je kan ook vertalen: arbeiders en werkneemsters); de levieten en de vreemdelingen, de weduwen en de wezen. Alle rapaille bij elkaar genomen. Uitverkoren zijn ze. Omdat de rijken ‘geven naar de mate waarin de Heer, hun God, hen heeft gezegend’, worden de armen gezegend door de rijken en door de God die dit soort regels heeft bedacht en op schrift gesteld.  Rashi zegt: ‘De laatste vier, de leviet, de vreemdeling, de weduwe en de wees zijn van Mij, zegt God, zoals de andere vier, de zoon, de dochter, de slaaf en de slavin van jou zijn. Als jij de vier personen die aan Mij behoren gelukkig maakt, dan zal Ik de vier die aan jou toebehoren, gelukkig maken’. Ze staan er in het enkelvoud, de weduwe en de wees; alsof het een uitnodiging is de mens persoonlijk te kennen.
Het loofhuttenfeest geeft de samenleving zoals God bedoelt. En we gaan op reis om iets dichter bij dat ideaal te komen. Vandaar de ‘pelgrimage van gerechtigheid en vrede’, waartoe de kerken oproepen. We kleuren daarmee de borden die de levensreis begeleiden; recht en gerechtigheid zijn de pijlen die de richting wijzen van waar te lopen en waar te gaan.
Tot zover het loofhuttenfeest. Dan is er nog die wonderlijke toevoeging vanaf vers 18. Ik lees het voor: ‘Stel in alle steden die de Heer, uw God , u in uw stamgebieden zal geven, rechters en griffiers aan, die zorg moeten dragen voor een zuivere rechtspraak’. Wat mij betreft begint hier een heel ander hoofdstuk, een ander chapiter. Voor de christenen in Indonesië, die ons de teksten aanreiken, niet. Zij lezen het elkaar voor: ‘U mag geen steekpenningen aannemen, want steekpenningen maken het oog van de wijze blind en de stem van de rechtvaardige vals’. Zij verstaan blijkbaar deze woorden als de beschrijving van een werkelijkheid, die roet kan gooien in het feestmaal bij het loofhuttenfeest. Waarom die toevoeging?
Christenen in Indonesië vormen tien procent van de bevolking. De volgelingen van Christus maken in Indonesië nog weer onderscheid tussen 5 procent die christenen zijn (zeg maar protestanten) en vijf procent katholieken. Elk van die twee heeft zijn eigen infrastructuur aan bladen en kerkelijke optuiging. Het centrale wat hen bindt, is dat ze een minderheid zijn ten opzichte van de moslims. De meeste moslims leven net als zij in de drukte van de dag en de rust van de refugio in de nacht. Hun leven is een voortdurend sabbelen in hutten en barakken waar je door het dak heen mogelijk de sterren ziet in de nacht. Maar er is ook een heersende elite, die soms de godsdienst gebruikt, om de eigen macht te versterken. Ze verrijken zichzelf. Het is die ervaring, zo vermoed ik, die de kerken vrijmoedigheid geeft om nog even door te lezen over rechters en griffiers die zuiver op de graat moeten zijn.
Het is al te gemakkelijk om daar als westerlingen meewarig bij te knikken. Nee, dan is het bij ons beter geregeld: we hebben niet alleen rechters en griffiers. We hebben advocaten, juristen, bedrijfsjuristen, arbeidsrechtdeskundigen, officieren van justitie, landsadvocaten, advocaten gespecialiseerd in HRM, juristen gespecialiseerd in overnames. Bedrijven hebben raden van toezicht waarin soms even een vacature communicatie is, maar een vacature op de juristenpost is er zelden. Ons land is vergeven van de juristen. Zij zoeken het recht en niets dan het recht (vers 20).
Zou dat waar zijn?, vraag ik me af. Is de veelheid van juridische varianten een teken van kracht van onze samenleving of is het misschien een signaal van het tegenovergestelde? Dat we het gebrek aan onderling vertrouwen compenseren door er een veelvoud aan functionarissen tegenover te stellen? De schrijver van Deuteronomium heeft genoeg aan rechters die eerlijk oordelen en griffiers die het oordeel opschrijven. Als die mensen zuiver werken en onpartijdig zijn, komt het in orde. Onze samenleving is zo ingewikkeld gemaakt dat we intelligente mensen nodig hebben om de sluipdoor kruipdoor routes te vinden.
Dat resulteert in een samenleving waarin er te veel wetten zijn die het belang van de rijken beschermen, terwijl een paar wetten zouden volstaan die het leven van de armen garanderen. Je zou de wetten amper nodig hebben als het leven één groot loofhuttenfeest zou kunnen zijn. Je neemt mee naar vermogen en je feest mee naar geestdrift.
 
In Indonesië is tien procent van de bevolking christen. Bij ons leeft tien procent van de mensen onder de armoedegrens. Veel armen zijn niet arm, doordat ze onvoldoende werken en zich inspannen, maar doordat ze de weg niet weten in het oerwoud van regeltjes en verantwoordingen die nodig zijn om hun recht op een tegemoetkoming te krijgen. De armoede wordt deels gecreëerd door de gecompliceerdheid van de bureaucratie. Hoe zou onze samenleving er uit zien als we die tekst zouden verstaan: ‘Zoek het recht (het staat er nog pregnanter: jaag het recht na) en niets dan het recht’?. Het verlangen naar recht maakt iedereen gelukkiger. Met woorden van Deuteronomium: Als het recht ons voor ogen staat, ‘zullen we in leven blijven en het land bezitten dat de Heer, onze God, ons zal geven’.
Amen

 

 


↑ Top  

© Oecumenische Gebedskalender 2021   Leden   Lid worden?